Słownik ortograficzny holenderski

A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

voogden



acclimatisatie
afrossing
bevoorrading
bijeffect
bloedrode
boerenkermis
contingenteert
cursusleider
dekverlichting
diluviale
etende
functiescheiding
grondlijn
interim-voorzitter
jhr.
krantenhanger
kruikenzak
liftjongen
logeerbed
narde
onthaal
schelmst
signaleer
smoutig
stroomverschil
televisieconcern
tolkenschool
vergadertafel
visgrond
werkvoorraad
wisseltrofee